De meeste knie- en heupklachten beginnen 30 centimeter lager dan waar de pijn zit. Het is een verband dat orthopeden en biomechanici steeds meer erkennen, maar dat in de praktijk zelden wordt onderzocht. Patiënten met chronische knieklachten worden vaak jarenlang behandeld voor 'de knie' — terwijl het probleem in de voet zit.
Je voet is een mechanisch wonder. 26 botten, 33 gewrichten, meer dan 100 spieren, pezen en ligamenten. Hij absorbeert bij elke stap 1,5 tot 2,5 keer je lichaamsgewicht. Bij hardlopen 4-7 keer. Over een gemiddelde levensduur loop je ongeveer 200.000 kilometer — vier keer rond de aarde. En toch krijgt de voet, in vergelijking met andere lichaamsdelen, opvallend weinig aandacht.
Wanneer je voet pronieert (naar binnen kantelt), draait je scheenbeen mee. De knie wordt naar binnen getrokken (valgus-stress). De femur volgt. De heup gaat in interne rotatie. Het bekken kantelt asymmetrisch. De lage rug compenseert. Dit hele dominostenen-effect kan beginnen met één voet die niet goed steunt.
De drie voet-typen en wat ze betekenen
Type 1 — Neutrale voet (40% van de bevolking)
Een lichte boog, gelijkmatige belasting bij staan en lopen. De voet rolt licht naar binnen tijdens de stand-fase — dat is normaal en functioneel.
Type 2 — Platvoet of overpronatie (45% van de bevolking)
De lengteboog van de voet is verlaagd. De voet rolt te ver naar binnen. Dit veroorzaakt een kaskade van compensaties stroomopwaarts.
Type 3 — Holvoet of underpronatie (15% van de bevolking)
Hoge boog, voet rolt onvoldoende naar binnen. Geeft te weinig schokabsorptie. Risico op stress-fracturen.
Welk type heb jij? Een eenvoudige test: bevochtig je voetzool en stap op een droog stuk karton…